Fête de la musique

Fête de la Musique 21 juni 2017

Vanwege ons tachtigjarig bestaan werd het jaarlijkse muziekfestival ‘Fête de la Musique’ deze keer een uitbundig muzikaal feest dat ‘tout’ Roosendaal mocht meebeleven. Plaats van handeling: het zonovergoten – where else? – Openluchttheater Vrouwenhof.  Als een variant op het bekende lied ‘Praat Nederlands met me’ moedigde spreekstalmeester Piet Geleyns de aanwezigen aan om zoveel mogelijk in de Franse taal met elkaar te converseren.  Een groot deel van de bezoekers behoort in het dagelijks leven tot de achterban van de Alliance, dit verzoek was dus niet geheel aan dovemansoren gericht. Maar er werd uiteraard vooral gezongen. Soms ingetogen, en vaak uit volle borst. ‘Van het kleinste gehucht in Frankrijk tot in Parijs, overal gonst het vanavond van de muziek’, jubelde Geleyns dan ook. Volgens hem was er deze avond maar één plek in Nederland waar het festival zo gretig werd omarmd: Het Openluchttheater Vrouwenhof dus!  Maar ja, je bent als vereniging uiteraard ook maar één keer tachtig jaar jong. 

 

Het Fête de la Musique is een van oorsprong Frans jaarlijks terugkerend muziekfestival op 21 juni, dat vooral amateurmuzikanten de kans geeft op te treden in een straatfeestachtige sfeer. De toegankelijkheid en de vrijwillige inzet van de muzikanten zijn de pijlers van het idee. Het wordt sinds 1982 in alle gemeentes van Frankrijk gevierd, en later ook buiten het land, in onder meer België en Duitsland. Op kleine schaal doet Nederland ook mee. Het feest is in 1976 bedacht door de Amerikaan Joel Cohen toen hij werkzaam was voor Radio France. Het idee was om op de avond van de zomerwende, oftewel de langste dag van het jaar, zo veel mogelijk bandjes en solisten de straat op te sturen om de hele nacht muziek te maken. ‘Make Music’ is dan ook de alternatieve benaming in sommige Engelstalige gebieden. Na de Franse presidentsverkiezingen in 1981 is het idee van Joel Cohen door de toenmalige minister van cultuur, Jack Lang, voor het eerst ten uitvoer gebracht in 1982. Piet Geleyns, toch redelijk wat gewend op dit gebied, keek zijn ogen uit toen de witte Arenabanken in het park kort na aanvang al grotendeels gevuld waren. ‘We hoopten zo op goed warm weer dat we zelfs een worst aan Clara hebben geofferd’, zo werd in het welkomstwoord verkondigd. Waarschijnlijk was die worst een tikkeltje aan de grote kant geweest, want zo warm als het die woensdagavond in het Vrouwenhof was, hoefde voor velen nu ook weer niet.

 

Na het openingslied ‘Comediens’, voornamelijk bekend in de uitvoering van Charles Aznavour, mocht het koor Kommer en Kwel het officiële podiumprogramma openen met ‘Prendre un Enfant’ van Yves Duteil. Het muzikale gehalte won stevig aan kwaliteit toen het duo Angela Lambregts en Marno Balemans het stokje overnamen. Met Henk Vermeulen op gitaar en Margriet Valk op accordeon was dit een leuke opmaat naar het absolute hoogtepunt van de avond: het (helaas veel te korte) optreden van zangeres Laura Sakko. Reeds met haar openingslied ‘L’oiseau’ (uit de jeugdserie ‘Belle et Sebastien’) maakte Laura duidelijk dat het publiek hier eens goed voor moest gaan zitten, wat dan ook spontaan geschiedde.  Met ‘Cent Mille Chansons’ van de helaas veel te vroeg overleden Frida Boccara liet ze het ook voor Nederland succesvol verlopen Eurovisiesongfestival van 1968 (Lenny Kuhr, De Troubadour) weer even herleven. Van Jacques Brel vertolkte Laura diens ‘Quand on n’a que L’Amour’ op uiterst verfijnde wijze. Toen Piet Geleyns een toegift – of om in de juiste ambiance te blijven- een bis-nummer aankondigde- kon die mededeling uiteraard op luide instemming rekenen.  Het Roosendaals-Franse muziekfeest werd na de pauze afgesloten met samenzang met als voorzangers het Chansons Ensemble. Zeg maar ‘Roosendaal Zingt Frans’. Het was een prachtig feest!

 

Sinds 2000 organiseert Alliance Française elk jaar op 21 juni het Fête de la Musique Française. Een sprankelende avond vol Franse muziek in het Kadehuis te Roosendaal door zangers en muzikanten. Allemaal amateurs, die belangeloos hun medewerking verlenen.

 

1982: Hoe het allemaal begon
Het Fête de la Musique is overgewaaid uit Frankrijk. Als Maurice Fleuret, hoofd van de afdeling Muziek en Dans op het ministerie van Cultuur, leest dat meer dan 4 miljoen Fransen een muziekinstrument hebben (waarvan het merendeel op zolder ligt), droomt hij ervan ze allemaal de straat op te krijgen. In drie weken is de organisatie rond. Frankrijk gonst op 21 juni 1982 van de muziek. In parken, op pleinen, in scholen en ziekenhuizen, in musea, op stations. Sinds die eerste keer heeft het Fête de la Musique zich als een olievlek over de aardbol verspreid. In meer dan 125 landen verspreid over alle werelddelen, organiseren muziekliefhebbers elk jaar dit klinkende muziekgebeuren. En steeds op 21 juni, als een welkomstgroet aan de zomer, barst het feest weer los.

 

In Roosendaal

In veel landen is Alliance Française de motor achter dit muziekfestijn. Zo ook in Nederland. Roosendaal was in 2000 de eerste Nederlandse stad met een Fête de la Musique. De Alliance Française geeft iedereen die Franse muziek maakt elk jaar een podium in Het Kadehuis.

Drie keer heeft de Alliance Française haar podium verplaatst. In 2008 en 2014 naar Montmartre, Parijs. En in 2015 naar het Noord Franse stadje Wambrechies.

Op 21 juni 2016 klonken er Franse chansons vanuit de toren van de St.-Jan als openingsattractie van het Fête de la Musique Roosendaal en daarna zorgde een honderdtal liefhebbers van Franse chansons voor een onvergetelijk muziekfestijn in het Kadehuis.

Parijs 2014: Fête de la Musique Parijs 2014

Wambrechies 2015:  Fête de la Musique Wambrechies 2015